In 2015 kocht Fernand Huts met zijn bedrijf Katoen Natie de afvalverwerker Indaver over van het Nederlandse energiebedrijf Delta. Sindsdien is de omzet van Indaver verdubbeld, ligt de gemiddelde brutowinst van de voorbije vijf jaar zo’n 50 procent hoger dan bij de overname en zijn er in Europa ruim zevenhonderd medewerkers bijgekomen.
Volgende week zet Indaver, waar Fernands zoon Karl intussen als CEO aan het roer staat, een belangrijke, nieuwe stap in zijn uitbreiding. De familie Huts opent donderdag in Essex, op ongeveer 95 kilometer van Londen, zijn grootste installatie voor afvalverwerking ooit. Als de Rivenhall vanaf volgend jaar op volle capaciteit draait, zal de installatie 595.000 ton niet-recycleerbaar huishoudelijk afval van gezinnen en niet-recycleerbaar industrieel afval verwerken. Daarmee wil het bedrijf 55 megawatt aan elektriciteit opwekken. Die energie wordt niet alleen gebruikt om gezinnen, industrie en de bedrijfssite van Indaver zelf van warmte te voorzien, maar ook om gewassen te kweken.
7,5 procent van tomateninvoer vervangen
Met de warmte die de nieuwe afvalverwerkingsinstallatie van Indaver opwekt, zullen landbouwers op de site elk jaar 30.000 ton tomaten kunnen kweken. Daarmee wordt het bedrijf van de familie Huts onrechtstreeks een belangrijke groenteleverancier van het Verenigd Koninkrijk. Het Verenigd Koninkrijk importeert elk jaar 400.000 ton tomaten uit het buitenland. Indaver zou met het project in Essex dus zo’n 7,5 procent van de invoer van het Verenigd Koninkrijk kunnen vervangen.
De tomaten zullen volgens Indaver worden geteeld door boeren die een serre leasen in de nabijheid van de site. Naast tomaten zouden landbouwers nabij de Indaver-site in Engeland ook andere gewassen kunnen telen met de energie van Indaver, zoals komkommers en aardbeien.
Zestig nieuwe werknemers
Indaver levert via pijpleidingen zowel de warmte, de elektriciteit als de CO₂ die nodig is om de tomaten en andere gewassen te laten groeien. De CO₂ wordt afgevangen van de rookgassen die vrijkomen van de afvalverwerkingsinstallatie en is cruciaal voor de groei van tomaten.
Voor Indaver is de mastodont die het in Essex heeft neergezet de eerste afvalverwerkingsinstallatie in Engeland waarmee afval wordt omgezet in energie. Het bedrijf heeft er zestig nieuwe mensen voor aangeworven en zal ook vijftien jobs creëren bij onderaannemers, die de installaties mee moeten onderhouden.
De investering van Indaver in het Verenigd Koninkrijk is een voorbode van een reeks andere forse investeringen die de familie Huts in het buitenland wil doen. Vorig jaar heeft Indaver in de Antwerpse haven al een proeffabriek in gebruik genomen voor de chemische recyclage van onder meer gebruikte yoghurtpotjes. Volgens het recentste duurzaamheidsrapport van Indaver, dat begin juni is gepubliceerd, is de kwaliteit van die recyclage “nog veel beter dan verwacht”.
Karl Huts, CEO van Indaver, zei onlangs in deze krant dat hij in de komende jaren nog veel meer fabrieken voor chemische recyclage in het buitenland wil openen. “We willen twee fabrieken in Europa bouwen die polystyreen uit yoghurtpotjes kunnen halen en zeven à acht fabrieken in Europa die polyorefines uit folies kunnen recycleren”, zegt Karl Huts.
De investeringshonger van Indaver wordt dus steeds groter. En zo groeit het bedrijf steeds meer uit tot een van de grotere afvalverwerkers van Europa.