Beenhouwerij Derycker Daniel is een familiebedrijf in Antwerpen dat al sinds 1972 actief is in de vlees- en vishandel. De zaak is gevestigd aan de Lange Slachterijstraat op de oude slachthuissite. Ze bieden een assortiment aan verse en diepgevroren vleessoorten, wild, gevogelte, vis en zeevruchten, zowel voor particulieren als voor horeca en groothandel. Hun webshop bevat onder meer producten zoals verschillende soorten rund-, varkens-, lamsvlees en kip, scampi’s, gamba’s.
In 2020 nam Gino Derycker, zoon van Daniel, het bedrijf officieel over. Zijn zus Soraya werkt al vijftien jaar mee en zal dit jaar nog officieel mee in de zaak stappen.
Dag Gino! Wanneer wist je dat je in het bedrijf wilde werken of het later zou overnemen?
“Eigenlijk wist ik dat al van kinds af aan. Ik liep als kleine jongen in het weekend al mee met mijn vader, ik was toen amper zes jaar. Ik wilde toen al weten hoe alles eraan toeging. Mijn vader betrok me ook al heel vroeg bij belangrijke beslissingen. Zelfs toen ik zestien was, vroeg hij al regelmatig naar mijn visie. Ik vond het als kind enorm indrukwekkend om te zien hoe alles daar verliep: runderkarkassen uitbenen en alles wat daarbij kwam kijken. Ik hielp vroeger ook met de vorklift en met vrachtwagens laden en lossen. Als kind vertelde je daarover op school, en dat was toch bijzonder. Toen zei ik al: later wil ik de zaak van mijn vader overnemen. Tegen het einde van mijn studies stond ik eigenlijk al te popelen om mee in de zaak te stappen. Het bedrijf heeft altijd een groot deel van mijn leven uitgemaakt.”
Wanneer heeft je vader officieel gevraagd om de zaak over te nemen?
“Dat is eigenlijk heel organisch verlopen. Mijn zus en ik merken wel dat het hem veel doet dat wij de zaak verderzetten. Voor hem is het belangrijk dat zijn levenswerk niet verloren gaat en dat het in goede handen blijft.”
Hoe is de taakverdeling tussen jullie drie geregeld?
“Mijn vader amuseert zich nog altijd in de zaak. Hij is nu 78, maar zijn levenswerk loslaten is natuurlijk niet evident. Zijn onderneming is zijn kindje. Mijn vader werkte altijd vooral ín het bedrijf, terwijl ik meer vóór het bedrijf werk. Ik hou me bezig met organisatie, structuur en de zaken errond. Zelf doe ik meer de aankopen, het magazijnbeheer en de diepvriezers. Wanneer leveranciers komen lossen, laad en los ik de vrachtwagens. Dat zijn vooral mijn taken. Mijn vader staat nog dagelijks in het atelier. Mijn zus ondersteunt op het vlak van boekhouding, de kassa en het bedienen van klanten in de winkel.”
Botst het soms wanneer je samenwerkt met je zus en vader, of verloopt dat goed?
“Mijn vader en ik verschillen bijna veertig jaar, dus hij behoort echt tot een andere generatie. Gelukkig komen we goed overeen. Natuurlijk verschillen we soms van mening over hoe bepaalde dingen aangepakt moeten worden, maar we willen altijd hetzelfde bereiken. Hij kijkt nog vaak vanuit de manier waarop het vroeger werkte, terwijl ik het anders zie. Toen ik de zaak overnam, was dat voor hem ook geen eenvoudige situatie om meteen alles uit handen te geven. Maar vandaag laat hij mij doen en is dat vertrouwen er honderd procent.”
“Veel mensen zeggen ook dat ik steeds meer op mijn vader begin te lijken. Dat vind ik een compliment, als ik zie wat hij allemaal heeft opgebouwd en verwezenlijkt in zijn leven. Ook mijn zus en ik zijn echt twee handen op één buik.”
Wat heb jij veranderd in de zaak sinds de overname?
“Een groot verschil tussen ons zit bijvoorbeeld in marketing en zichtbaarheid. Vroeger maakten we eigenlijk bijna geen reclame. Al sinds mijn twintigste zei ik dat we meer moesten inzetten op naamsbekendheid. Mijn vader geloofde vooral in mond-tot-mondreclame. Dat werkte vroeger ook, en we hadden sowieso werk genoeg, maar daarin merk je echt het generatieverschil. Sinds vorig jaar zijn we actiever geworden op sociale media. We maken content voor Facebook en TikTok.”
“Daarnaast zijn we nu ook volop bezig met plannen voor een volledige nieuwbouw, waarmee we na de zomer willen starten. Onze magazijnen gaan we volledig verbouwen en renoveren, en daar willen we ook de winkel in onderbrengen. We willen veel meer inzetten op beleving. Wij zijn hier eigenlijk een van de laatste zaken op de slachthuissite, maar net daarom denken we dat we een meerwaarde kunnen bieden door nog sterker in te zetten op onze winkel. We willen vooral onze nostalgie in een modern jasje steken. Bij ons vind je bijvoorbeeld nog stukken vlees waarbij het karkas deels zichtbaar is. Dat geeft mensen het gevoel van authenticiteit terug.”
Wat zijn voor jou de belangrijkste zaken die zeker behouden moeten blijven in het bedrijf?
“De directe connectie met de klant. Zij mogen zich hier geen nummer voelen. Ze moeten het gevoel hebben dat ze erbij horen en dat ze altijd bij ons terechtkunnen als er iets is. Dat persoonlijke contact willen we absoluut behouden. Dat geldt ook voor het personeel. Hier heeft altijd een heel familiale sfeer gehangen. Mensen werken hier graag omdat er een losse, toegankelijke sfeer is. Wij lopen hier gewoon tussen het personeel rond, we spelen niet de baas.”
Heb je zelf nog advies voor jonge ondernemers die een familiebedrijf willen overnemen?
“Niet twijfelen, gewoon doen. Als het echt je passie is, moet je ervoor gaan. Je moet vooral iets vinden waarin je jezelf volledig kunt terugvinden. Toen ik klein was, dacht ik eerst meer aan het klassieke vleeswerk en de uitsnijderij. Maar we voelden economisch ook wel dat die sector veranderde en dat dat verhaal op termijn moeilijker zou worden. Daarom ben ik me meer gaan focussen op de import van scampi’s en zeevruchten. Daar heb ik mijn eigen richting in gevonden. Het is dus wel belangrijk dat je er ook je eigen draai aan geeft.”
