Nieuwe loods en maaier versterken proefbedrijf als unieke onderzoeksplek De investeringen van de provincie Antwerpen in deze ogenschijnlijk simpele maaier helpt de Hooibeekhoeve in Geel wel enorm vooruit in het praktijkonderzoek naar het belangrijke graslandbeheer. © Hans Otten

Nieuwe loods en maaier versterken proefbedrijf als unieke onderzoeksplek

Grasland is de grootste teelt in Vlaanderen, maar minder bekend is dat het voor landbouwers een erg intensieve teelt is die veel kennis vraagt. Het provinciale proefbedrijf Hooibeekhoeve in Geel is een van de weinige die in dat onderzoek gespecialiseerd is. Die positie wordt door investeringen nog versterkt.

Achter de gebouwen van de Hooibeekhoeve in Geel-Ten Aard is het voorbije jaar een gloednieuwe loods opgerezen. Die dient in de eerste plaats als centrale opslag voor alle voertuigen en materialen die het provinciale proefbedrijf bij het dagelijkse onderzoek in melkveehouderij en voedergewassen gebruikt. Maar een gedeelte is ook specifiek ingericht voor het onderzoek naar allerlei gewassen. De loods omvat zo een fytolokaal – waar gewasbeschermingsmiddelen veilig worden bewaard -, droogovens om stalen te drogen, extra laboruimte en bewaarruimte voor gewasstalen en zaden.

“De loods is circulair opgetrokken, wat betekent dat we ze in principe helemaal kunnen demonteren en elders weer opbouwen”, zegt Gert Van de Ven van de Hooibeekhoeve. “We vangen ook het regenwater op in ondergrondse putten met een capaciteit van 160 kuub. Dat regenwater dient in de eerste plaats voor onze runderen, na zuivering. Daarnaast hebben we ook een rietveld dat regenwater zuivert. Dat gebruiken we om onze machines te reinigen.”

De Hooibeekhoeve nam ook een fonkelnieuwe loods in gebruik, die deels uitgerust is met ruimtes die voor het gewasonderzoek bestemd zijn. © Hans Otten

Van manueel naar machinaal

Dat machinepark is zopas uitgebreid met een slimme proefveldmaaier. “Een investering in een loods en een maaimachine lijken misschien niet indrukwekkend, maar voor de sector zijn die wel bijzonder belangrijk”, zegt onderzoekster An Schellekens. “Het probleem is dat de landbouwer ook vandaag nog bitter weinig data krijgt over de teelt van gras. Opbrengstmetingen op een hakselaar zijn niet altijd even betrouwbaar en ook met satellietbeelden kun je de opbrengst van grasland niet inschatten. Het onderzoek op de Hooibeekhoeve verliep de voorbije 35 jaar ook steevast manueel, waarbij we letterlijk met de hand de tientallen proefveldjes maaiden en er stalen namen. Dat grote aantal heb je nodig om wetenschappelijk correcte conclusies te trekken. Het onderzoek is dus erg tijds- en arbeidsintensief.”

Dankzij de aanschaf van de nieuwe proefveldmaaier winnen de onderzoekers fors aan tijd: de maaier selecteert zelf stalen, die een onderzoeker naast de bestuurder in de stuurcabine al meteen kan bekijken. “Het gaat veel sneller en het werk kan veel efficiënter gebeuren”, stellen de onderzoekers.

Grootste teelt in Vlaanderen

Een leek kan zich afvragen waarom al die investeringen worden gestopt in het onderzoek naar grassen. Is dat niet het eenvoudigste gewas voor een boer? Niets blijkt minder waar. “Grasgewassen zijn een belangrijke bron van eiwitten voor de dieren, terwijl ze bijdragen aan een hogere koolstofopslag in de bodem. Maar voor de boer is het een behoorlijk intensieve teelt, die vasthangt aan een strikte timing. Voor gras moet er vaak heel veel wijken. Het is dan belangrijk dat wij de boeren met onze vergaarde kennis heel concreet kunnen helpen”, zegt An Schellekens.

Geert Van de Ven (rechts) legt de precieze werking van de slimme proefveldmaaier uit. © Hans Otten

“Veel mensen zien landbouw vooral nog als een sector van traditie, terwijl er in feite enorm veel technologie, innovatie en duurzaamheid mee gemoeid is”, zegt Jinnih Beels (Vooruit), gedeputeerde voor Landbouw van de provincie Antwerpen. “Dat geldt zeker ook voor grasland, de grootste teelt van Vlaanderen. Wie meer weet over opbrengst, voederwaarde en klimaatbestendig beheer, kan betere keuzes maken op het veld. In dit onderzoeksgebied bekleedt de Hooibeekhoeve nu nog veel meer een redelijk unieke, maar heel belangrijke positie in Vlaanderen.”