Het project draait om flexibiliteit. Met de nieuwe hal stijgt de elektrolysecapaciteit van de fabriek met ongeveer 30 procent. Hoewel de totale jaarlijkse zinkproductie gelijk blijft, kan Nyrstar nu voluit produceren op momenten dat groene stroom overvloedig en goedkoop is. Op dure piekmomenten kan de installatie dan weer gas terugnemen.
Door het tussenproduct tijdelijk te bufferen, fungeert de fabriek als een zogenaamde ‘virtuele batterij’ voor het elektriciteitsnet. “Dit is een schoolvoorbeeld van hoe industrie en klimaat elkaar kunnen versterken”, zegt minister Brouns. “Een van de grootste elektriciteitsverbruikers van ons land zal zijn productie beter afstemmen op momenten met veel zon en wind. Dat verlaagt de energiekost en ondersteunt ons elektriciteitssysteem. Economische ontwikkeling en een betere leefomgeving gaan hier hand in hand.”
De vergunning is echter niet onvoorwaardelijk. Nyrstar moet stapsgewijs de uitstoot van zwaveldioxide met ongeveer 60 procent verlagen tegen 2035. Een eerste pakket aan milieumaatregelen moet al klaar zijn zodra de nieuwe elektrolyse-eenheid opstart. Volgens Brouns is dit de koers die Vlaanderen vaart: ruimte geven aan strategische industrie, maar enkel gekoppeld aan bindende emissiereducties.
Verankering in de Kempen
Voor de regio blijft de zinkfabriek, die al ruim 130 jaar in Balen gevestigd is, een cruciale speler. Als een van de grootste zinkproducenten ter wereld is het bedrijf een belangrijke werkgever in de Kempen. Met deze investering in slimmere procesvoering zet de fabriek een stap naar een duurzamere toekomst met lagere energielasten.