johan schildermans VKW Limburg

Grootste bedrijven hebben daling ingezet, maar portefeuille is nog niet leeg

De dalende productiviteit in combinatie met dalende investeringen die de grootste 500 bedrijven van Limburg laten optekenen, baart zorgen. Uit een analyse van VKW Limburg blijkt evenwel dat de meesten nog over een relatief sterke financiële positie beschikken, wat hefbomen biedt om het tij te keren en uitdagingen aan te pakken.

VKW Limburg onderzocht, in samenwerking met Deloitte, de balansgegevens van de bedrijven uit onze recente Top 500. De analyse legt enkele opvallende trends bloot. Zo daalt de arbeidsproductiviteit bij deze Limburgse bedrijven voor het tweede jaar op rij, en ook het investeringsritme vertoont een neerwaartse tendens. Deze evolutie kan de productiviteit verder afremmen. “Om de productiviteit te verbeteren is het aangewezen dat bedrijven extra inzetten op slimmer werken door voluit de kaart van digitalisering, automatisering en innovatie te trekken. Maar dat vergt de nodige investeringen”, weet Johan Schildermans, manager Belangenverdediging & Kennis bij VKW.

Toch is er ook positief nieuws: de meerderheid van de bedrijven beschikt over een sterke financiële basis, met gezonde solvabiliteits- en liquiditeitsratio’s. Die robuuste positie biedt hen hefbomen om -via externe financiering- het tij te keren om opnieuw te investeren in groei, innovatie en veerkracht binnen een uitdagende economische en geopolitieke context.

Bouw boven
De operationele resultaten –meer bepaald de ebitda– zijn in 2024 bij de Top 500-bedrijven gedaald overheen alle sectoren, behalve in de bouw. “Bij de bouwbedrijven zien we een toename van het gemiddeld aantal werknemers, die ook wordt omgezet in bijkomende resultaten”, zegt Johan Schildermans. “In de andere sectoren zien we ook een stijging van het gemiddeld aantal werknemers, maar wordt dit niet vertaald in bijkomende cashflow.”

Dalend investeringsritme
De materiële vaste activa namen in alle sectoren verder toe, maar het tempo van die groei vertraagt. Waar de gemiddelde jaarlijkse stijging de voorbije vijf jaar nog 11% bedroeg, bleef dat in het afgelopen jaar beperkt tot 7%, wat wijst op een vertragend investeringsritme.

Uit de studie blijkt ook dat de liquiditeitspositie van de Top 500-bedrijven over het algemeen goed is, mede het gevolg van een verschuiving in het betalingsgedrag. Klanten betalen gemiddeld 4 tot 5 dagen sneller dan vorig jaar, terwijl leveranciers slechts 2 tot 3 dagen eerder worden voldaan. Deze ontwikkeling duidt op een efficiënter beheer van de kasstromen binnen de Top 500-bedrijven.