Terwijl veel kledingzaken het moeilijk hebben, bouwen vader en zoon Reynders vanuit Bocholt succesvol aan hun eigen modelabel. De hippe kleding van Maison Reynders ligt vandaag in boetieks in België en Nederland. Nigel (34) ontwerpt de collectie, vader Marc (56) verzorgt de zakelijke kant. Maar hun weg naar de modewereld verliep allesbehalve vanzelfsprekend, zo vertellen ze in Het Belang van Limburg.
Zonnebank failliet
Marc Reynders begon zijn carrière in de bouw, zoon Nigel werkte eerst in een rusthuis. “Ik studeerde verzorging en kon meteen een vervanging doen in het rusthuis van Bocholt. Na drie maanden kreeg ik een vast contract, maar ik heb dat geweigerd. Het was niks voor mij. Uit miserie ben ik dan maar iets anders gaan zoeken voor een inkomen. Het werd een job in een zonnebankcentrum, en dat ging zes maanden later failliet… Eén van de klanten stelde voor om in haar kledingzaak te komen helpen. Zo kwam ik in de richting die ik uit wilde gaan. Vrij snel vroeg de winkeluitbaatster mij mee voor de inkoop van modecollecties in een showroom. Ze durfde niet op de snelweg rijden. (lacht)”
Vrachtwagens vol leder
“Ik was daar echt goed in, ik wist de juiste collecties te selecteren”, gaat Nigel verder. “Ik heb daar nu eenmaal gevoel voor. Zo kwam het dat ik in die showroom werd aangezocht om voor hen te werken. Via die weg rolde ik door naar een Nederlands ledermerk. Daar heb ik acht jaar gewerkt. De eerste jaren trok ik als verkoper naar multimerkenwinkels. Leder was in opmars en onze sterk geprijsde leren broeken met stretch werden een succes. Het was alsof de vrouwen ze opaten. (schatert) Vrachtwagens vol heb ik verkocht. Mijn rol binnen het ledermerk groeide, waardoor ik in het collectieteam terechtkwam en mee mocht ontwerpen. Mijn focus lag op de looks voor de Belgische vrouw. Tijdens corona werden de leren stuks aangevuld met stof en breigoed. Ik kwam met het idee van ton sur ton: gekleurde leren broek en jack met in eenzelfde kleur een zijden hemd of truitje. Het werd opnieuw een succes. De ensembles vlogen de deur uit.”
Eigen label
Terwijl Nigel ervaring opdeed in de modesector, groeide op de achtergrond stilaan het idee voor een eigen label. “Het was mijn droom om een merk met mijn naam in de markt te zetten. Ik zag dat de bedrijfscultuur veranderde en dat ook het ledermerk een andere stijl kreeg. De tijd was rijp om er te vertrekken. ‘Dit kan ik beter’, dacht ik. Het was mijn droom om een merk met mijn naam in de markt te zetten. Maison Reynders vind ik goed klinken.”
Om die overgangsperiode te overbruggen, ging Nigel aan de slag bij designerboetiek Smits Studio in Tessenderlo. “Ik ben een kat die altijd op haar pootjes terechtkomt. (lacht) Zaakvoerster Marleen ken ik al langer en ik trof haar toevallig. Ze gaf aan dat ze hulp nodig had. Eén dag werden er al snel drie. Ik heb er veel geleerd. Marleen heeft mij anders naar mode leren kijken, waardoor je frisse ideeën krijgt voor combinaties van kleuren en kledingstukken.”
Voor zijn eigen label werkte Nigel intussen verder aan een duidelijke stijl: vrouwelijk met een stoer randje. “Dat was er toen niet. Die silent luxury is iedereen moe aan het worden. Al dat beige, beige, beige en die ton sur ton….”
Pappie to the rescue
Door de energiecrisis en de nasleep van corona voelde Nigel dat hij zijn droom even opzij moest schuiven. “Als ik het alleen zou doen, zou ik binnen het jaar al failliet zijn. (lacht) Tot papa zei: ‘En als we het nu eens met twee doen’.”
Marc knikt: “Nigel had een droom. Als de zakelijke kant, de financiën en administratie het enige probleem zijn, dan kan ik helpen. Of je nu administratie doet voor de bouw of voor de modesector, dat maakt niet veel verschil. Alleen de productkennis is anders. Maar Nigel moest er van mij wel even over nadenken of hij het zo wilde.” Vader Marc werkte toen nog als zelfstandig projectleider in de bouwsector en combineerde dat met zijn eigen wijnhandel La Bodega.
Chaoot
Mensen uit hun omgeving geloofden in de kracht van de samenwerking tussen vader en zoon. “We zijn in zekere zin tegengesteld doordat we andere talenten hebben, maar we vinden elkaar in het perfectionisme. Pappie streeft naar perfectie in administratie, service en gestructureerd werken. Bij mij zit dat streven in zoeken naar schoonheid. Terwijl ik voor de rest een chaoot ben.”
En zo startte het duo in 2024 met Maison Reynders, een kledinglijn vanuit Bocholt. Binnen enkele weken ligt de vierde wintercollectie in de boetieks. Tussen de overvloed aan online aanbieders en internationale spelers is het verre van eenvoudig om met een nieuw kledingmerk door te breken. “We zitten in een segment dat minder online wordt gekocht. Een broek van 200 euro willen vrouwen eerst passen, die bestel je niet per vier op Zalando”, zegt Marc.
“De vrouw die wij kleden, wil graag worden geholpen en worden bediend. Ze verkiest mooie kwaliteit. In die boetieks liggen nog kansen”, zegt Nigel. In juli en augustus trekt hij door België en Nederland om zijn nieuwe collectie persoonlijk aan kledingzaken voor te stellen. “Dat appreciëren de winkelverantwoordelijken enorm. Het is een vorm van respect. Ik bezoek de winkel en kijk dan of mijn collectie er past. Ik werk nog old school.”
Stijl: Yves Saint Laurent
“We zijn op de goede weg”, zegt Nigel. “Maar de eerste twee jaar waren pittig. Ik had heel wat connecties. Die kwamen naar mijn ontwerpen kijken omdat ze het mij gunden, en velen hebben de collectie ingekocht omdat ze die mooi vonden.”
Marc benadrukt dat het succes niet vanzelf kwam. “We zijn geen BV’s met miljoenen om ons merk te promoten. Winkelverantwoordelijken kenden Nigel van het ledermerk dat hij vanaf nul hielp uitbouwen. Dus er was een zeker vertrouwen.”
Maison Reynders mikt op een sterke prijs-kwaliteitverhouding, al is dat voor een kleiner label geen eenvoudige evenwichtsoefening. “We hebben voor onze wintercollectie een radicale en risicovolle beslissing genomen door te gaan samenwerken met een nieuw productiehuis. Vanaf nu wordt onze kleding grotendeels in Italië gemaakt, in een familiebedrijf net buiten Venetië, met veel vakkennis en een hoge standaard in afwerking. Voor onze jeans werken we samen met een gerenommeerde Belgische firma in Tunesië, waar ook Dries Van Noten en Christian Wijnants zitten.”
Een week na zijn bezoek aan de stoffenbeurs in Milaan werkt Nigel aan een nieuwe collectie. “Ik ontwerp zelf. Ik teken losjes hoe ik de pasvorm zie en ik maak moodboards met beelden die mij inspireren. Ik hou van de stijl van Yves Saint Laurent en Céline. Ook heb ik een voorkeur voor sportswear-chique, de Parijse vrouw met mooi gecentreerde silhouetten en met een bepaalde finesse. Ik jaag geen trends na. Ik vertaal ze naar onze Reynders-vrouw. We zijn niet extreem duur, maar ook niet goedkoop. Ethisch verantwoorde kwaliteitsvolle kleding kost nu eenmaal geld. Als je wol wil, moet je wol betalen. Onze kleding komt niet uit China, maar uit Italië.”
Intomen
De zakelijke reflex van vader Marc zorgt er wel eens voor dat de creatieve ideeën van Nigel wat worden ingetoomd en dat er een kleiner aantal silhouetten in productie gaat. “Dat zorgt er uiteindelijk voor dat de collectie een mooier geheel vormt. Ik ben niet te koppig om mij te laten omringen door mensen die bepaalde zaken beter beheersen dan ik. Alleen zo kan je groeien en kunnen er mooie dingen gebeuren”, besluit Nigel.