Wie geregeld een terrasje doet op de Grote Markt kan er niet naast kijken. Aan heel wat horecapanden hangt een bordje te huur of over te nemen. Brasserie Den Amitié, gastrobar Isajé en brasserie Jjem’s gingen vorig jaar failliet. Sindsdien is er maar voor één van die panden een nieuwe huurder gevonden. Dit jaar vulden café Den IJzer en restaurant De Witten Vos het rijtje aan en nu is daar dus Bar Makadam bijgekomen. Het was collega-horecaondernemers al opgevallen dat de zaak langer gesloten bleef dan gepland.
Toch schrikken ze dat net David Aerts, een jonge, gedreven ondernemer, bierkenner en uitbater van het café, het nieuwste slachtoffer is. De ondernemingsrechtbank heeft maandag het faillissement geopend van Beer d’Office, de vennootschap achter Bar Makadam die sinds het najaar van 2014 actief was. Zelf wenst Aerts niet te reageren. Dat de horeca uitdagende tijden kent, klinkt overal in de sector. “Een café runnen, is niet meer alleen pinten tappen. Met pinten alleen red je het niet meer. Wij hebben tegenwoordig ook een eetkaart”, zegt cafébaas Dave Adriaenssens.
Indexering
De cafébaas baat intussen al zes jaar het bekende volkscafé Torke uit op de Grote Markt, een concept dat vandaag onder druk staat. De huurprijzen doen er volgens de waarde van Torke geen goed aan. “Elk jaar die indexaanpassing. Dat is geen 100 euro dat erbij komt, maar een paar honderd euro”, zegt Dave. Dat is volgens hem voor veel collega’s een boosdoener, maar tegelijk is hij er verbaasd over dat er zoveel zaken failliet gaan. “Pakken ze het verkeerd aan? Ik weet het niet.”
Al valt het Dave Adriaenssens wel op dat de vaste kosten ook in zijn zaak jaar na jaar stijgen. “En je kunt niet alles blijven doorrekenen aan je klanten. Als ik morgen 4 euro voor een koffie vraag, drinken mijn klanten er nog eentje. Dan blijf ik liever schappelijk van prijs, zodat ze er nog twee drinken. Het is wikken en wegen”, legt de cafébaas uit. Tegelijk investeert hij om energiekosten te drukken. “We installeerden spaarlampen en waterloze urinoirs.”
Adriaenssens hoopt ook dat er bij brouwerijen en eigenaars van horecapanden bereidheid is om iets te doen aan de hoge huurprijzen. Panden zoals die van Den Amitié en Den IJzer staan al maanden te huur. “Om een café op te starten, moet je tegenwoordig al over een serieus bedrag beschikken. De maandelijkse huurprijs bedraagt makkelijk 4.000 euro en er wordt een waarborg van drie maanden gehanteerd. Dan zit je al aan 16.000 euro en dan heb je nog geen pint getapt”, legt Dave uit.
Lichtpuntje
Een pasklaar antwoord voor al die faillissementen heeft Karen Hallemans, voorzitter van Horeca Groot Mechelen, evenmin. “Het zijn moeilijke tijden. Dat hoor ik van veel collega’s. Zaken komen en gaan, maar op de Grote Markt valt de leegstand heel erg op. Tegelijk zie je elders in de stad dat veel nieuwe zaken openen, zoals bijvoorbeeld Bar Fleur, Ikō en Pastis”, vertelt ze.
Ondanks de zichtbare leegstand op de Grote Markt, schijnt er ook licht in de tunnel. Zo heeft de Leuvense projectontwikkelaar Breba het voormalige leegstaande Ankercafé, dat al jaren stond te verkommeren, gekocht en helemaal laten opknappen. Voor de zoektocht naar een uitbater voor het horecagedeelte werkt de eigenaar samen met Brouwerij Haacht. Aan de overkant wordt er druk gewerkt aan het pand waar vroeger Oskar was gevestigd. Daar opent binnenkort Osteria Lumia, een nieuw Italiaans culinair adresje.

