Slechts 46 procent van de horecazaken is volledig conform bij een eerste inspectie door controleurs van het voedselagentschap. De drie zwaarste problemen gaan over het niet correct meedelen van allergenen, het wassen van de handen en algemene netheid. Het gaat niet altijd om zeer ernstige inbreuken, maar toch kunnen ook kleine vaststellingen voor potentiële problemen zorgen. Door de handen in elkaar te slaan, zetten FAVV en Horeca Vlaanderen in op opleiding, begeleiding en communicatie tussen ondernemer en inspecteurs van het FAVV.
Dialoog
“We willen mensen vooral in dialoog laten gaan met elkaar, zodat ze elkaar ook beter begrijpen”, zegt Matthias De Caluwe, CEO van Horeca Vlaanderen. “Deelnemers krijgen een duidelijk beeld van wat de inspecteurs verwachten, en vooral ook waarom, maar inspecteurs krijgen ook een beter inzicht op het ondernemen en de dagelijkse praktijk waarmee horeca-ondernemers geconfronteerd worden.”
In tien opleidingen maken telkens vijftien tot twintig ondernemers kennis met hoe inspecteurs te werk gaan en leren ze bij over terreinkennis wat voedselveiligheid betreft. “Dat gaat niet enkel om regels of controles, maar door inzicht te krijgen in de meest frequente vaststellingen tijdens controles kunnen ondernemers hun processen nadien optimaliseren en bijsturen”, zegt Christine Romeyns, gedelegeerd bestuurder FAVV. “Dialoog én praktijk zijn de sleutel om van regels een succes te maken.”
Dat beaamt ook Erwin Denys van Restaurant Rascasse in Kapellen, die de eerste sessie in Mechelen dinsdag bijwoonde. “Als ondernemer wil ik weten welke regels vandaag gelden en hoe ik daar in de praktijk het best mee omga”, legt Denys uit. “Er is altijd ruimte om te verbeteren en dankzij deze opleidingsreeks blijf je mee met de nieuwste inzichten, tools en technieken.”
Na deze tien opleidingsdagen wordt de samenwerking geëvalueerd. De bedoeling is om in 2027 de samenwerking op te schalen en meer opleidingen te organiseren. “We willen samen toekomstgericht de horeca beter maken en dat kan alleen door elkaar beter te begrijpen en mensen samen te brengen”, besluit De Caluwe.

