Vandaag gebruikt 30 procent van de Belgische werknemers steeds vaker AI voor dagelijkse taken. Toch verwacht de meerderheid (53%) dat de technologie weinig of geen invloed zal hebben op de betekenis van hun job. Bijna een kwart (24%) denkt dat AI het werk net interessanter kan maken, terwijl 23 procent vreest dat het werk monotoner wordt.
De grootste bezorgdheid blijft echter de impact op het takenpakket. Eén op vier Belgische werknemers verwacht dat AI een aanzienlijk deel van de huidige taken overbodig kan maken. Dat ligt op hetzelfde niveau als het Europese gemiddelde. In Ierland en Spanje leeft die bezorgdheid nog sterker, terwijl werknemers in Finland en Noorwegen zich daar minder zorgen over maken.
Toch gelooft bijna twee derde van de Belgische werknemers (65%) dat AI menselijke kwaliteiten zoals creativiteit, empathie en kritisch inzicht niet kan vervangen. Werknemers lijken AI dus vooral te zien als een hulpmiddel dat repetitieve taken kan overnemen, terwijl de mens verantwoordelijk blijft voor interpretatie en eindbeslissingen.
Meer transparantie gevraagd
Naast de opmars van AI groeit ook de vraag naar duidelijke spelregels. Zes op de tien Belgische werknemers vinden dat AI-systemen transparant moeten zijn over hoe ze tot beslissingen komen. Dat is vooral belangrijk wanneer AI wordt ingezet voor processen zoals aanwervingen, evaluaties of personeelsplanning.
Die vraag naar transparantie sluit aan bij nieuwe Europese regelgeving. Sinds 2 augustus gelden bijkomende verplichtingen uit de AI Act. Bedrijven moeten duidelijk maken wanneer mensen met AI in aanraking komen, bijvoorbeeld via een chatbot, en bepaalde door AI gegenereerde inhoud expliciet als dusdanig aanduiden.
De strengste regels voor zogenaamde hoogrisico-AI, waaronder veel toepassingen binnen HR, zijn wel uitgesteld tot eind 2027 of 2028. Dat geeft ondernemingen meer tijd om zich voor te bereiden, maar de transparantieverplichtingen zijn wel al van kracht.
Ook opleiding blijft verplicht
Naast transparantie legt de AI Act ook de nadruk op AI-geletterdheid. Werkgevers moeten ervoor zorgen dat medewerkers die met AI werken voldoende kennis hebben om de technologie veilig en verantwoord te gebruiken.
Dat blijkt in de praktijk nog niet vanzelfsprekend. Bijna de helft van de Belgische werknemers (47%) vindt dat hun werkgever hen onvoldoende ondersteunt bij de overstap naar AI-gedreven werkmethodes.
Volgens Françoise Lewis, lead UI/UX designer bij SD Worx, levert AI vooral tijdswinst op wanneer de technologie doordacht wordt ingezet. “AI bespaart mij elke maand meerdere uren op repetitieve taken, zoals het organiseren van bestanden en het hernoemen van designelementen. Daardoor kan ik mij meer richten op kwaliteitscontrole en gerichte analyses.”
Ook het vertrouwen in een verantwoord gebruik van AI is nog niet volledig vanzelfsprekend. Minder dan de helft van de Belgische werknemers (48%) heeft er vertrouwen in dat hun organisatie AI op een eerlijke en ethische manier inzet. Daarmee scoort België iets onder het Europese gemiddelde van 52 procent.
Voor ondernemers betekent dat dat investeren in AI alleen niet volstaat. Duidelijke afspraken over het gebruik van de technologie, transparante communicatie en voldoende opleiding zullen de komende jaren minstens even belangrijk worden als de keuze van de AI-tools zelf.