De Fleeming Jenkin liet baggerbedrijf Jan De Nul met hoofdzetel langs de Dender in Aalst in oktober 2025 te water. Toen was dat het grootste schip ter wereld voor de installatie van onderzeese energiekabels. Met de William Thomson laat het bedrijf een tweede, soortgelijk schip te water.
De ingenieurs van Jan De Nul ontwierpen beide schepen volledig zelf. “De twee schepen bundelen alle expertise in kabelinstallatie die we de afgelopen vijftien jaar opbouwden”, zegt Wouter Vermeersch van Jan De Nul. Het schip heeft een laadvermogen van 28.000 ton en een lengte van 215 meter.
Het schip kan onderzeese kabels installeren tot vierduizend meter diep. Zo zal de William Thomson elektriciteitskabels aanleggen op de bodem van de zee. Op die manier kan off-shore windenergie aan land worden gebracht, of elektriciteitsnetten van verschillende landen gekoppeld worden.
Energie-eiland Prinses Elisabeth
Zowel de Fleeming Jenkin als de William Thomson zullen in 2028 operationeel zijn. Hun eerste opdracht: een nieuwe generatie netaansluitingen voor windparken op zee installeren voor de Nederlandse netbeheerder TenneT, die twee gigawatt kan transporteren. Dit is het dubbele van de huidige verbindingen.
Ook het Belgische energie-eiland Prinses Elisabeth zal één van de schepen verbinden met het Belgische vasteland.