Nestlé (afp) Foto: AFP

Nestlé ontkent laattijdige reactie op cereulide in babyvoeding

Nestlé ontkent de beweringen van consumentenorganisatie Foodwatch dat het bedrijf te laat zou hebben gereageerd op de aanwezigheid van cereulide in babyvoeding. Volgens Jan Moers, woordvoerder van Nestlé, zijn de beschuldigingen feitelijk onjuist. “De beweringen van Foodwatch stroken niet met de werkelijkheid; het zijn simpelweg leugens.”

Om de transparantie te waarborgen, heeft Nestlé een volledige tijdslijn van de crisis op zijn website geplaatst. Volgens de woordvoerder heeft het bedrijf op elk cruciaal moment de juiste beslissingen genomen om producten tegen te houden. Nestlé spreekt ook de bewering tegen dat de leverancier hen zou hebben gewaarschuwd. “Wij hebben onze leverancier, Cargill, zelf op de hoogte gebracht. Wij waren de eersten in de sector die het probleem ontdekten”, verduidelijkt Moers. Ook de autoriteiten zouden van mening zijn dat er geen sprake is van nalatigheid.

De impact in België en de Benelux blijft volgens Nestlé beperkt tot een specifiek aantal batches. Hoewel de bewuste producten volgens de laatste informatie van klanten al uit de rekken zijn verdwenen, adviseert het bedrijf consumenten om de website van Nestlé of het FAVV te raadplegen voor een controle van de batchnummers.

Er is momenteel ook discussie over de gehanteerde testmethodiek. Sciensano gaf eerder aan dat testen in poedervorm niet volstaat, omdat cereulideconcentraties hoger kunnen uitvallen zodra het poeder met water wordt aangelengd. Moers stelt echter dat deze discussie voor Nestlé niet relevant is omdat zij aan de bron testen.

“Wij testen rechtstreeks de olie, wat de oorsprong van het probleem is”, legt Moers uit. “Hierdoor vermijden we de discussie of er in het poeder of in het eindproduct moet worden getest. Bovendien kunnen we tot twee jaar teruggaan in de tijd om stalen van de gebruikte olie te controleren. Daaruit blijkt dat het probleem beperkt blijft tot de batches die we reeds uit de markt hebben gehaald”.