De nieuwe ombudsdienst wordt ondergebracht binnen de consumentenombudsdienst. Dat betekent dat er een aanspreekpunt zal zijn voor conflicten over aannemingen, werken, contracten of uitvoering. De bouwkamer zal bestaan uit een bemiddelingsluik voor contractuele geschillen en een arbitrage-afdeling, waarin de bestaande Geschillencommissie Bouw wordt geïntegreerd. Er zullen acht extra medewerkers op de consumentenombudsdienst aangenomen worden.
Bedrijven moeten verplicht meewerken aan de bemiddeling. Die procedure zal tot drie maanden kunnen duren. Als het nodig is, kan daarna altijd nog naar de rechtbank gestapt worden.
Bedoeling is ook om de druk op rechters en parketten te verlichten. “Dit is een win-win-win”, aldus Beenders. “Consumenten krijgen sneller duidelijkheid, bedrijven vermijden lange procedures en de rechtbanken krijgen meer ademruimte.”
De dienst wordt in de loop van het jaar stap voor stap uitgerold en moet tegen 1 januari 2027 helemaal operationeel zijn.
Reacties sector
De bouwsector reageert tevreden op de oprichting van het orgaan. “De overgrote meerderheid van de bouw- en installatiebedrijven werkt zoals het hoort, maar als er dan toch een technisch of juridisch geschil ontstaat, is het belangrijk dat consumenten en ondernemingen terecht kunnen bij een dienst waar specialisten ter beschikking staan”, verduidelijkt Niko Demeester, CEO van Embuild.
Hij wijst er wel op dat de creatie van de dienst pas zal slagen “als die gepaard gaat met duidelijke waarborgen qua rechtszekerheid, evenwicht en werkbaarheid voor alle betrokken partijen”. Zo is het voor de sector essentieel dat er geen parallel of concurrerend circuit ontstaat naast de bestaande rechtbanken.
De Bouwunie stelt zich toch nog vragen bij de concrete uitwerking. Zo is de financiering nog niet helemaal duidelijk. “Het kan niet de bedoeling zijn dat enkel de aannemer moet opdraaien voor de kosten wanneer een consument een klacht indient. Dit zet de deur open tot mogelijk misbruik”, klinkt het daar.

