Infinity Lab

Infinity Lab wil maakindustrie slimmer, duurzamer en efficiënter maken

KORTRIJK - In de kantoren van Flanders Make hebben KU Leuven en de hogeschool VIVES het project Infinity Lab voorgesteld. De maakindustrie bevindt zich op een kantelpunt als het gaat over digitalisering en Infinity Lab wil helpen om die processen binnen de maakindustrie te versnellen. Om producten en processen nog beter te maken. Volgens Wim Desmet (KU Leuven) bevindt de voorgestelde technologie zich op wereldniveau. Aan Infinity Lab hebben een reeks West-Vlaamse topbedrijven - denk aan Barco, Vandewiele of Bekaert - meegewerkt omdat ze ook zelf sterk inzetten op investeringen in digitale innovatie.     

Slimmer, duurzamer en efficicënter worden, en zo ook de productiviteit en de duurzaamheid van de producten van maakbedrijven opschalen. “Dat is dé uitdaging waar de hele maakindustrie vandaag voor staat”, aldus Wim Desmet namens de KU Leuven. “Infinity Lab is de opstap om die uitdagingen te helpen waarmaken. Het nieuwe onderzoekslab van Flanders Make wil een cruciale rol spelen met de hulp van digitale tweelingen: virtuele kopieën van echte machines, voertuigen of producten die hun prestaties opvolgen, analyseren en optimaliseren tijdens de volledige levenscyclus.”

Ideale proeftuin

Het Infinity Lab vergde een investering van 1,69 miljoen euro, geld dat mee op tafel werd gelegd door de EU, de Vlaamse regering en de provincie West-Vlaanderen. Bedrijven vinden in het Infinity Lab een proeftuin waar ze technologieën op kleine schaal kunnen uittesten, vóór een eventuele toepassing inhouse.

Het gebruik van digitale tweelingen kan onder meer helpen om te voorspellen wanneer een machine stuk dreigt te gaan, om energie te besparen tijdens het maken en gebruiken van de machine, of om het machine-ontwerp te verbeteren nog voor de machine effectief wordt gemaakt. Werken met digitale tweelingen laat de bedrijven met andere woorden toe om sneller, op een geïntegreerde manier en met minder risico te investeren in innovatie. Met de hulp van onderzoekers van de KU Leuven, VIVES en Flanders Make maar altijd in samenspraak met de bedrijven.

West-Vlaanderen als place to be

West-Vlaanderen telt één op drie Vlaamse vestigingen in de maakindustrie. De aanwezigheid van sterke regionale bedrijven en complementaire onderzoekexpertises maakt van Kortrijk de logische thuisbasis voor Infinity Lab.

Volgens professor Wim Desmet van de KU Leuven (centraal op de foto) staat de West-Vlaamse maakindustrie mee aan de top, dankzij verregaande inspanningen op het vlak van innovatie. Hij citeerde met name Picanol, Vandewiele, CNH, Bekaert en Televic. “Zo blijven die bedrijven van hier altijd een stap voor met hun producten”, aldus Desmet. “Met het Infinity Lab wordt een bijkomende  laagdrempelige omgeving geschapen waar ondernemingen zelf aan de slag kunnen met digitale transformatie. Wat zo naar een competitief voordeel moet leiden.”

Data mining en data sharing

De key voor het succes van het Infinity Lab ligt – hoeft het gezegd? – in het verzamelen van zoveel mogelijk data. Want data analyse leidt naar nieuwe en grensverleggende inzichten.Denk maar aan wat er nu al op grote schaal gebeurt in de auto industrie, maar ook in de machinebouw of de logistieke sector.

“Het valt naar de toekomst toe te hopen dat we meer en meer kennis en data kunnen delen”, besloot Wim Desmet. “Dat is niet alleen belangrijk in de maakindustrie maar ook bijvoorbeeld in de zorgsector (ziekenhuizen) of voor overheden die aan slimme mobiliteitsplanning doen. De vooruitgang zal gestoeld zijn op het konsekwent delen van informatie. Daarbij valt te hopen dat de EU niet opnieuw aan nodeloze regelgeving doet.”