Het was André Leysen die in de jaren tachtig al met het idee van ‘participatief ondernemerschap’ kwam aandraven. Wettelijk is het perfect mogelijk, alleen blijft het overwegend dode letter. Raymond Libeert maakt er nu een levende materie van en zet een toonvoorbeeld van deugdelijk bestuur, weg van de oude Marxistische dialektiek en dogmatriek. Geen twijfel mogelijk dat elke mede aandeelhouder dankzij een aandelenplan op maat van de werknemers ook zoveel gemotiveerder aan de slag gaat. Zowel arbeiders al bedienden kregen de kans om mee in te stappen bij Libeco.
Raymond Libeert deed zijn modelplan uit de doeken in een gesprek met het veel gelezen en erg populaire magazine Ondernemers van Voka West-Vlaanderen. Zijn aandelenplan zet in de praktijk om wat de theorie zegt: ‘Medewerkers zijn het belangrijklste kapitaal van een bedrijf‘. Libeert toont zich konsekwent met die zienswijze en geeft zijn arbeiders en bedienden de kans om ook zelf mee te participeren.
Waarom niet?
“Iedereen kreeg enkele maanden terug de kans om aandelen te kopen in Libeco”, zegt de visionaire Libeert in het blad Ondernemers. “Dat was een idee waar ik al langer van droomde. Nu hebben we die droom ook waargemaakt. Het is een groot succes gebleken. Didier Dejaegher is als co-CEO meteen ingestapt maar ook 41 andere medewerkers deden dat al. Misschien zal het u verbazen maar daar zijn voorlopig zelfs even veel arbeiders dan bedienden bij. Ik hoop erop dat nog meer medewerkers van het plan gebruik maken, al zijn er dan ook voorwaarden aan verbonden (bijvoorbeeld: minstens vijf jaar voor het bedrijf werken). Uiteraard gaat het ook over een minderheidspakket aandelen dat wordt aangeboden.”
Op de vraag wat de grote voordelen zijn van van dit participatief model, antwoordt de wijze Raymond Libeert: “Betrokkenheid. Medewerkers die aandelen op zak hebben van het bedrijf waarvoor ze werken, zijn elke dag opnieuw zoveel meer gemotiveerd om het beste van zichzelf te geven, daar bestaat niet de minste twijfel over. Iedereen heeft er dus baat bij en het bedrijf wordt er beter van. Waarom zou je het dan niet doen?”
foto: Libeco archief