VDL 24 opening

Vlaamse regering zet VDL Roeselare voor schut

ROESELARE - In april 2024 was de Vlaamse regering - met minister president Jan Jambon en minister Lydia Peeters op kop - manifest aanwezig op de officiële opening van de nieuwe fabriek voor e-bussen in Roeselare (zie foto archief). Ze zegden er al hun steun toe aan wat VDL zelf toen de modernste site in zijn soort van heel Europa noemde. Een investering van 50 miljoen euro. Toch grijpt datzelfde VDL Roeselare nu naast een nieuw mega order van de Vlaamse overheid. Het Chinese BYD (268 e-bussen) en Daimler (80 e-bussen) gaan met de recentste buit van De Lijn lopen. Annick De Ridder, in de huidige regering verantwoordelijk minister voor Mobiliteit, zegt daar goede redenen voor te hebben.   

Annick De Ridder laat in een officieel statement weten dat VDL naast de boot valt omwille van twee redenen: te duur en de kwaliteit laat te wensen over in vergelijking met de Chinese concurrent. Over de lokale tewerkstelling in Vlaanderen en de  geostrategische economische component, laat de N-VA politica zich merkwaardig genoeg niet uit.

Flash back naar april 2024. Fier poseren de Vlaamse excellenties bij de nieuwste e-bus van VDL Roeselare (zie foto) en zeiden ze die dag ook alle mogelijk steun toe aan de investering van 50 miljoen euro. Met deze nieuwe fabriek in Roeselare maakte VDL Bus & Coach een statement. Het bedrijf koos bewust voor productie in Europa en niet in het goedkopere buitenland. “In ons betrouwbare netwerk van productiefaciliteiten, dichtbij klanten, met onze eigen vakmensen die ons jaren trouw zijn én met duurzame productiemethoden”, zei aldus Rolf-Jan Zweep, CEO van VDL Bus & Coach in april 2024. “Onze medewerkers zijn hooggekwalificeerd en maken gebruik van de meest moderne technieken om de elektrische bussen van vandaag én van de toekomst te produceren.”

Lokale verankering als troef

Ook Alain Doucet, directeur VDL Bus Roeselare, benadrukte anderhalf jaar terug het belang van investeren in werkgelegenheid: “We weten dat technisch geschoolde mensen van het grootste belang zijn voor de hoogwaardige maakindustrie”, zei hij toen. “Het is cruciaal dat wij ook als bussenbouwers blijven investeren in levenslang leren, om de vaardigheden van onze medewerkers aan te passen aan de veranderende noden van de economie. We mogen dit echter niet zien als vanzelfsprekend, dit vergt een grote inspanning van zowel werkgever als medewerker .”

VDL liet ook weten dat het een warme pleitbezorger was van het behoud van werkgelegenheid, kennis en kunde in de eigen regio. Om dat te kunnen blijven nastreven en de maakindustrie voor bussen in Europa te behouden, benadrukte het management wel dat het belang van een gelijk speelveld bij initiatieven vanuit andere werelddelen. “Er moet sprake zijn van een eerlijke wedstrijd, een wedstrijd met dezelfde spelregels“, aldus Rolf-Jan Zweep. “We rekenen daarvoor op de overheid.”

Die overheid ziet dat dus anders.