Hilde Dejonghe (regiovoorzitter Noord-Frankrijk en Wallonie Picarde bij Voka West-Vlaanderen) heette alle aanwezigen welkom en had een duidelijke boodschap. Ze zette eerst en vooral nog eens op scherp waarom zoveel West-Vlaamse er de laatste jaren voor kozen om te investeren in Noord-Frankrijk (beschikbare ruimte, vlottere vergunningsprocedures, ondernemersvriendelijk klimaat, lagere energie- en loonkosten), maar bovenal benadrukte ze de gigantische opportuniteiten van deze ontwikkelingen.
“We moeten de grens doen vervagen en reduceren tot een administratieve bijkomstigheid”, aldus Dejonghe. “Het momentum is er om van deze grensoverschrijdende regio één van de sterkste van Europa te maken. En daar dragen wij vandaag al meer dan ons steentje aan bij. Er zal ook de komende jaren nood zijn aan de knowhow en het vakmanschap uit West-Vlaanderen.”
Maar volgens Dejonghe geldt al het bovenstaande ook in de omgekeerde richting: “Ook voor Franse bedrijven liggen er heel wat kansen en opportuniteiten in Vlaanderen”, zei ze. “Dat is een kant van het verhaal die wij – bescheiden – Vlamingen misschien te weinig brengen. En dat is ook de insteek van deze avond.”
Veel kansen
Vervolgens namen ook gouverneur Carl Decaluwé en de Franse ambasadeur in België Xavier Lapeyre de Cabanes, het woord. Beiden benadrukten het belang van grensoverschrijdende samenwerking en de vele kansen die er liggen voor ondernemingen langs beide zijden van de grens.
John Verzeele, director Inward Investments bij Flanders International & Trade, schetste dan weer de troeven van Vlaanderen als investeringsregio en ging in op de strategische voordelen voor buitenlandse – en dus ook Franse – ondernemingen. Het laatste woord was voor François Lavallée, vice-président van de CCI Hauts-de-France, die de goede banden tussen ‘zijn’ regio en West-Vlaanderen nog eens in de verf zette en de deur opende voor een nauwere samenwerking in de toekomst.