Nationaal

Van 18.000 werknemers tot immense kunstcollectie: het imperium van Fernand Huts

Fernand Huts voor zijn Boerentoren. Foto Victoriano Moreno

ANTWERPEN – Het is een nieuwe parel aan zijn al rijk vergulde ketting, de overname van Mexico Natie. De gewiekste Fernand Huts (72) heeft niet alleen zijn familieholding Katoen Natie uitgebouwd tot een miljardenonderneming. Ook met afvalverwerker Indaver, een fabuleuze kunstcollectie, de aankoop van de iconische Boerentoren en in het oog springend vastgoed heeft hij ijzers in het vuur. Een overzicht van zijn imperium.

KATOEN NATIE

De Katoen Natiegroep die maandag de overname van Mexico Natie bevestigde, is hét levenswerk van Fernand Huts. De havennatie die in 1854 werd opgericht, kreeg in 1982 de jonge jurist-ondernemer Huts aan het roer. Toen een achterop hinkend bedrijf met een honderdtal werknemers, intussen een reus die met zijn “logistiek met toegepaste ingenieurskunde” wereldwijd zo’n 18.000 mensen tewerkstelt en actief is in diverse sectoren als consumptiegoederen, chemie, voeding, auto,…

Katoen Natie is naast zijn sterke aanwezigheid in Europa actief op zowat alle andere continenten. In Noord-Amerika onder meer in de petrochemie in Texas, in Zuid-Amerika pompte het bijna een half miljard euro in de uitbouw van een enorme containerterminal in Montevideo – na de nodige discussies met de Uruguayaanse overheid – en ook Singapore, Thailand en Zuid-Afrika zijn stippen op de bedrijfskaart die een veertigtal landen telt.

Zelfs met deze omvang blijft Katoen Natie een niet-beursgenoteerde holding in handen van de familie Huts. En de groep blijft crescendo gaan. In zeven jaar tijd heeft de groep zijn inkomsten meer dan verdubbeld – ook met dank aan de vele acquisities die Huts’ politiek kenmerken. Met als meest recente verovering Mexico Natie dat vorig jaar 65 miljoen euro omzet noteerde.

De cijfers van Katoen Natie spreken voor zich: een omzet van 2,29 miljard euro in 2021, goed voor een nettowinst van 135,2 miljoen.

 

Loghidden City, de immense zone vol hangars van Katoen Natie in de haven in Kallo (Beveren). Foto Joris Casaer

INDAVER

De Antwerpse afvalverwerker Indaver valt onder de holding Katoen Natie, maar verdient een aparte toelichting. Sinds Huts in 2015 een meerderheidsbelang van 75% kocht voor 416 miljoen euro, zijn de ambities van het bedrijf stevig opgekrikt.

Vorig jaar verwerkte Indaver 5,3 miljoen ton afval, waaronder ook gevaarlijke stoffen. Naast de sterke aanwezigheid in België en Duitsland is het ook actief in Nederland en Ierland en in mindere mate Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Portugal en Italië. In ons land heeft het verschillende vestigingen. Zo opende het begin 2021 in Willebroek een hoogtechnologische fabriek voor de verwerking van pmd-afval. “De modernste van de wereld”, zo claimde Huts. De fabriek kostte hem 35 miljoen euro en kan jaarlijks 65.000 ton pmd verwerken, zes tot zeven vrachtwagens per uur.

De grote afvalverwerkingsinstallatie in de Antwerpse haven kwam recent nog in opspraak door PFAS-lozingen in het water van de Westerschelde, wat ook in Nederland tot onrust leidde. Minister Zuhal Demir (N-VA) besloot het bedrijf strengere lozingsnormen op te leggen.

Indaver, dat de grote interesse van Fernands oudste zoon Karl Huts wegdraagt, blijft de toekomstplannen aan elkaar rijgen. In het Verenigd Koninkrijk wil het een centrale bouwen om energie op te wekken uit huisvuil, in Antwerpen is een fabriek gepland voor de recyclage van plastic producten als yoghurtpotjes en piepschuim tot chemische basisstoffen, wat een wereldwijde primeur zou zijn. Een investering die richting de 100 miljoen euro klimt.

Indaver stelt 1.946 mensen te werk, van wie 771 in ons land en 638 in Duitsland. De omzet in 2021 bedroeg 647,8 miljoen euro, daarvan neemt België 238,4 miljoen voor zijn rekening.

 

De fabriek voor pmd-afval in Willebroek kan het afval van zes tot zeven vrachtwagens per uur verwerken. Foto Belga

KUNST EN EXPO’S

Tijdens zijn loopbaan ontpopten ‘Seefhoekjongen’ Huts en zijn echtgenote Karine Van den Heuvel zich als liefhebbers van kunst en geschiedenis. Het echtpaar is de grote mecenas van The Phoebus Foundation, een kunststichting “met filantropische doelstellingen”. De stichting met een onafhankelijke juridische structuur wil stukken van hoge kwaliteit terug naar Vlaanderen halen en de privécollecties van Huts en Katoen Natie voor het publiek ontsluiten.

Die collectie is zonder meer indrukwekkend, van kunst uit de Zuidelijke Nederlanden (15de-17de eeuw) tot hedendaagse werken, de Cobra-beweging, maritiem erfgoed, duizenden jaren oud textiel, 20ste-eeuwse Latijns-Amerikaanse kunst, objecten uit Egyptische graftombes (denk aan mummies van katten en vogels) en cartografie met atlassen van Mercator en Ortelius. Een aanzienlijk deel ligt opgeslagen in de prachtig gerenoveerde panden aan de Antwerpse Van Aerdtstraat waar ook het hoofdkantoor van Katoen Natie is gevestigd.

 

 

De Theatrum Orbus Terrarum van Ortelius, de eerste echte atlas die ooit is gemaakt. Foto Nattida-Jayne Kanyachalao

De kunstwerken vinden hun weg naar het publiek. Op dit moment loopt in Geel de succesvolle expo Zot van Dimpna rond het gerestaureerde altaarstuk van Goossen Van der Weyden. Voor een prestigieuze expo in het Amerikaanse Denver leent The Phoebus Foundation toppers als Hans Memling, Peter Paul Rubens, Antoon Van Dyck en Jacob Jordaens uit.

Huts zet ook zelf expo’s op poten. Vossen, gebaseerd op het verhaal Reynaert de Vos, lokte bijna 60.000 mensen naar het Waasland. In Aalst liep in 2019 de expo PiKANT! die de geschiedenis van het kant in Vlaanderen en Europa belichtten, van avondjurk tot beha.

Nog typerend voor de culturele passie van het echtpaar Huts: vorig jaar nam het de Veurnese kunstboekenuitgeverij Hannibal Books over.

 

Fernand Huts poetst zelf het glas op de expo PiKANT! in Aalst in 2019. Foto lds

BOERENTOREN

Met Katoen Natie heeft Fernand Huts in de Waaslandhaven sinds 2004 een enorme site uitgebouwd: Loghidden City is een immense zone vol hangars, met als blikvanger de kantorenburcht Singelberg. Maar dé klapper in zijn vastgoedimperium is uiteraard de aankoop van de Boerentoren eind 2020. Met zijn hoogte van 87,5 meter de eerste wolkenkrabber op het Europese vasteland, gebouwd tussen 1928 en 1931 in art-decostijl.

Huts wil het iconische gebouw tegen 2028 omvormen tot een belevingsruimte voor cultuur, winkels en horeca. In de cultuurtoren moeten ook werken van The Phoebus Foundation hun plaats vinden. De brand die midden augustus uitbrak in de Boerentoren, brengt de plannen en timing vooralsnog niet in het gedrang.

 

Midden augustus werd Antwerpen opgeschrikt door een brand in de Boerentoren. Huts zelf verloor er zijn kalmte niet bij: “De brandweer heeft schitterend werk geleverd”. Foto rr

VASTGOED

Wie bij Fernand Huts polst naar precieze info over zijn financiële situatie, krijgt als antwoord een kwinkslag zonder antwoord. Of hij nu echt de zesde rijkste is van de provincie Antwerpen en 1,5 miljard euro waard is, zal hij nooit bevestigen. Zit bijvoorbeeld zijn gigantische kunstcollectie in deze berekening? En zijn vastgoed?

Op de Leien heeft Fernand Huts nog altijd zijn oorspronkelijke appartement. Sinds een aantal jaren verblijft hij vaak in zijn prachtig gerestaureerde Kasteel Parrin in Sint-Gillis-Waas, organiseert hij jachtuitstappen vanuit het Mercatorhuis in Beveren en is hij actief vanuit zijn woning vlak bij Luxemburg stad – formeel is de Katoen Natieholding daar gevestigd. Maar het meest vertoeft hij op zijn unieke Britse landgoed-met-spookvrij-kasteel in Betteshanger in Kent, op een boogscheut van de krijtrotsen.

Tussendoor kocht – en renoveerde – Huts nog andere hebbedingetjes zoals de pastorieën van Melsele en Kieldrecht en het Fort van Haasdonk (Beveren). En ongetwijfeld heeft Fernand Huts nog enkele aankopen die hij stiekem voor zich houdt.