Nieuws Limburg Stories “Limburgse aannemers zijn al lang niet meer de boerkes in hun camionetten…”
Limburg

“Limburgse aannemers zijn al lang niet meer de boerkes in hun camionetten…”

“We mogen in Limburg van geluk spreken dat vernieuwing geen vies woord is. Dat helpt ons enorm vooruit. We zijn nu vaak de voortrekkers van spraakmakende projecten, terwijl we vroeger werden beschouwd als de ‘Limburgse boerkes’ die altijd achterop hinkten en afhankelijk waren van de wetten die in Brussel en Antwerpen werden gedicteerd.” Aan het woord is Chris Slaets, de 50-jarige Bilzenaar die sinds 2014 directeur en gedelegeerd bestuurder is van Confederatie Bouw Limburg, zeg maar de sectorvereniging van de bouwnijverheid in onze provincie. Slaets heeft duidelijk zijn stempel gedrukt op de organisatie, en dat rendeert, zo blijkt uit het uitgebreide interview dat we met hem hadden in het decor van hotel-restaurant Mardaga in As.

“Na mijn studies in de economie en marketing, belandde ik voor mijn eerste job bij Ford Genk. Mijn vader werkte er ook, dus was dat een logische stap. Ik stond er in de logistieke afdeling en was verantwoordelijk voor de just-in-time leveringen. Boeiend, maar toch had ik al snel door dat hier mijn toekomst niet zou liggen. Het stond in de sterren geschreven dat grootschalige productie ooit uit Limburg zou verdwijnen. En dus solliciteerde ik bij de Vlaamse Confederatie Bouw in Brussel, waar ik als adviseur een breed takenpakket kreeg toegewezen: vorming en opleiding, projecten rond kwaliteitszorg en veiligheid, of de organisatie van handelsmissies naar Oost-Europa. Ik stond op de eerste rij toen bedrijven als Houben en Democo hun eerste stappen zetten in Polen. Mooi om te zien hoe Limburgse ondernemers hun vleugels gingen uitslaan. Mijn voorzitter in Brussel was trouwens Jean Biesmans, met wie ik altijd nauw heb samengewerkt. Tijdens de autoritten van en naar Limburg zei hij vaak -in het dialect- ‘Wij zullen ze daar in Brussel eens leren hoe het moet’. En zo gebeurde het ook. Jean is een echte topondernemer, waar ik veel van geleerd heb. Ik heb veel respect voor het parcours dat hij heeft neergezet.”

Voorgerecht:

Als voorgerecht serveerde de chef van Mardaga een zalm ‘gravad lax’ met gepekelde groenten en een honingmosterd dressing. Gecombineerd met een wijn uit Duitsland: Koehler Ruprecht Riesling Saumagen Kabinett Trocken.

Chris Slaets verhuisde de Confederatie Bouw in Brussel naar het Vlaams-Brabantse kantoor in Leuven. “Er was een grote reorganisatie nodig, en ik kreeg als directeur carte blanche om orde op zaken te stellen. Een heel leuke uitdaging, waar ik mij goed geamuseerd heb. In 8 jaar tijd hebben we een nieuwe organisatie kunnen bouwen, onder meer door de fusie tussen de regio’s Halle-Vilvoorde, Brussel en Leuven. Er lagen best wel wat drempels op de weg, maar door de juiste mensen samen te brengen, is het allemaal goed gelukt.”

Getwijfeld over opvolging Mondelaers
Het lag voor de hand dat Chris Slaets, als Limburger met bakken ervaring als directeur van een lokale Confederatie, de gedoodverfde opvolger zou worden van Rik Mondelaers bij Confederatie Bouw Limburg. “Het zal je misschien verbazen, maar ik heb lang getwijfeld om die stap te zetten”, zegt hij. “Op familiaal vlak was het interessant om terug naar Limburg te komen, maar in Vlaams Brabant had ik een hecht netwerk van ondernemers en collega’s opgebouwd waar ik me helemaal in thuisvoelde. Het was niet makkelijk om vaarwel te zeggen tegen de vrienden die me altijd door dik en dun hadden gesteund. Uiteindelijk ben ik toch gezwicht omdat de Limburgse organisatie over fantastische fundamenten beschikte, en er met de projecten Transformatie Bouw en de Construction Academy, erg boeiende uitdagingen op stapel stonden.”

Hoofdgerecht:

21 op 20 is onze score voor het hoofdgerecht: een eendenborst met groene groenten en butternut, vergezeld van een wijn uit Frankrijk: Chateau Turcaud Cuvée Majeur.

En zo streek Chris Slaets in 2014 neer in Limburg, om na 28 jaar de fakkel over te nemen van Rik Mondelaers als vaandeldrager van de provinciale bouwsector. “Ik ben hier onmiddellijk met open armen ontvangen”, herinnert hij zich. “Ik merkte meteen de grote verbondenheid tussen de Limburgse bouwbedrijven, zowel groot als klein. Het is een hechte community, waarin de gunfactor belangrijk is. Als prijs en kwaliteit OK zijn, werkt men graag samen met collega’s uit de buurt. Dat schept een band. Ik was ook blij vast te stellen dat de activiteiten van Confederatie Bouw Limburg populair zijn door de ‘nabesprekingen’. Ondernemers vinden het ontspannend om informeel na te kaarten tussen pot en pint. Daar worden vaak de beste deals gesloten, en dat is in andere provincies veel minder het geval. Bovendien werd het snel duidelijk dat onze organisatie goed is ingebed in het brede socio-economische speelveld van de provincie. VKW, Voka Limburg, POM, de onderwijsinstellingen, het provinciebestuur,… er wordt graag en veel samengewerkt met Confederatie Bouw Limburg, en dat is heel aangenaam. Zeker omdat er veel raakvlakken zijn in uitdagingen die we in de bouw moeten trotseren.”

Zoals? “De bouwsector speelt een belangrijke rol in tal van maatschappelijke evoluties, zoals digitalisering, het klimaat, mobiliteit, arbeidsmarkt, ruimtelijke ordening, de circulaire economie, enzovoort. Onze positie in het netwerk van partners laat toe dat we op al deze vlakken een toegevoegde waarde kunnen creëren voor onze Limburgse bouwbedrijven. En dat is precies onze opdracht. Het is een leuke en dankbare rol die we als Confederatie Bouw Limburg kunnen vervullen, en daarom doe ik deze job zo graag. Er ligt genoeg werk op de plank. Denk maar aan de uitdaging om meer jongeren naar de bouwsector te loodsen, of de evolutie naar energieneutrale gebouwen in de praktijk te brengen.”

Chris Slaets: “Dankzij de fijne samenwerking met andere organisaties en bedrijven, kunnen we de economie in Limburg flink vooruit helpen.”

Boerkes in camionetten
De directeur heeft de afgelopen 6 jaar zijn stempel weten te drukken. “Ik denk dat we er goed in geslaagd zijn om van de Bouwcampus in Diepenbeek een ontmoetingsplaats te maken voor alle actoren in de sector. We zijn een open organisatie die de verjonging en vernieuwing niet schuwt. Het lukt ons aardig om zowel grote als kleine spelers mee te krijgen in nieuwe technieken en projecten. De Limburgse bouwbedrijven zijn niet langer de ‘boerkes in de camionetten naar Brussel en Antwerpen’, maar vaak de voortrekkers van spraakmakende, toekomstgerichte innovaties. Dat is in de eerste plaats de verdienste van onze bedrijven zelf, maar wij als Confederatie Bouw Limburg zijn blij om die processen mee te initiëren en te faciliteren. We roepen het niet altijd van de daken, maar we zijn goed bezig. Zowel wij als onze leden…”

Nagerecht:

En als afsluiter: de heerlijke flensjes Suzette, met een dessertwijn uit Italië: Garofoli Dorato. Merci, Mardaga!

Bananenschil
Of Chris Slaets het net zoals zijn voorganger ook 28 jaar gaat volhouden? “Met de jaren in Leuven erbij, is dat goed mogelijk (lacht). Er zijn nog uitdagingen genoeg. Zolang we blijven inzetten op vernieuwing en kijken naar de toekomst, blijft deze job voor mij bijzonder boeiend en plezant. Ik krijg hier elke maand 10 bananenschillen voor de voeten, waar ik serieus zou kunnen op uitglijden. Het is de kunst om de gevaarlijke te vermijden en de 3 op te rapen die opportuniteiten inhouden. Want veel problemen die je krijgt voorgeschoteld leiden tot oplossingen die een echte meerwaarde betekenen. Het is misschien een aparte benadering, maar wel eentje die je scherp houdt en zijn vruchten afwerpt.”

Gezien het netwerk van zijn leden-bedrijven groter is dan vroeger, en dat gepaard gaat met veel avondwerk, rest er voor Chris Slaets niet veel vrije tijd. “Zoals vele professionals heb ik tijdens de diverse lockdowns meer leren genieten van thuis te zijn en tijd door te brengen met het gezin”, zegt hij. “Ook voor mijn vrouw en kinderen (van 15 en 13) was het even wennen dat pa zo vaak ’s avonds thuis was. De balans tussen werk en privé is nu wat beter in evenwicht. Ik heb van de gelegenheid ook gebruik gemaakt om de padel-sport te ontdekken. Geweldig vind ik dat. Een mooie aanvulling om wat meer te bewegen, want de zondagse wandeling met de honden volstaat niet om fit te blijven. Daarvoor geniet ik te veel van lekker eten en drinken, in het gezelschap van familie en vrienden. En zo is het voor iedereen, allicht: work hard, play hard. Dat duurt het langste…”