Nieuws Mechelen Stories Laatste stoelenfabriek in Mechelen stopt ermee na 45 jaar: “In tv-soaps herkennen we soms modellen van ons”
Mechelen

Laatste stoelenfabriek in Mechelen stopt ermee na 45 jaar: “In tv-soaps herkennen we soms modellen van ons”

MECHELEN – De laatste jaren bracht Gunter Schoolmeesters (64) zijn stoelen zelfs aan de man tot in Engeland, maar zijn grootste afzetmarkt ooit waren de meubelfabrieken in Mechelen zelf. Eind dit jaar houdt de enige nog overblijvende ambachtelijke stoelenmaker in de stad er na 45 jaar mee op. In de loop van oktober organiseert hij een stockverkoop.

We schrijven 1977. De familie Stok stopt noodgedwongen met haar stoelenfabriek, verstopt in een atelier achter een vrijstaande woning in de Kadodderstraat. “Door een sterfgeval kwam de fabriek te koop. Dat zorgde voor paniek bij de Mechelse meubelfabrikanten. Zij waren bang dat er niemand voor hen nog stoelen kon maken. In die periode namen ze toch honderd tot driehonderd stoelen per week af”, vertelt Gunter Schoolmeesters.

Een avontuur

Een neef overtuigde destijds zijn vader Jan, toen vertegenwoordiger in meubelen, om de fabriek over te nemen. Zijn ouders gingen het avontuur aan. Ze namen uiteindelijk niet alleen de fabriek over, ze kochten ook de gebouwen. “Een jaar later was ik afgestudeerd in openbare werken, een volledig andere richting. Toen begon ik hier tijdens de vakantie te werken en dat beviel me”, zegt Gunter.

Na zijn legerdienst begon hij in 1978 in de stoelenfabriek te werken. Eerst in loondienst, sinds 1990 mee als zaakvoerder. “Als snotneus heb ik alles moeten leren van mijn medewerkers. Dat waren anciens van tussen de vijftig en zestig”, blikt Gunter terug.

Toen de ervaren rotten met pensioen gingen, was de zoektocht naar geschoold personeel een uitdaging en dat bleef zo. “In de jaren negentig op de schoolbanken iemand vinden die iets kende van massief hout was al heel moeilijk.”

 

Gepensioneerde medewerker Abdel Elaabedy werkt als flexijob mee de laatste stoelen af. — © Joris Herregods

Opdrachten waren nooit echt een probleem. “We hadden in Mechelen bij wijze van spreken op elke straathoek een meubelfabriek”, zegt Gunter. Maar stelselmatig sloten ook die een na een de deuren. “De laatste tien jaar werkten we hier nog met een vijftal mensen. Zelfs mijn echtgenote Chantal heeft hier nog heel veel stoelen gemaakt”, vertelt Gunter.

Tot 150 soorten

Afzet vond stoelenfabriek Schoolmeesters elders in eigen land, maar ook in Nederland, Duitsland en Engeland. “Als toeleveringsbedrijf zorgen wij voor de karkassen. Het kleuren en het bekleden van de stoelen gebeurt door de klant”, zegt Gunter. In de loop der tijd zag hij de concurrentie toenemen. “De stoelen die wij maken, vind je in de winkel voor 150 tot 200 euro. Bij grote spelers koop je vandaag een stoel voor 30 tot 50 euro.”

In die 45 jaar tijd vervaardigde zijn familie zo’n honderd tot 150 verschillende soorten stoelen. “Ik ben nog altijd trots als ik ergens stoelen zie die wij maakten. In tv-soaps herkennen we soms modellen van ons en ook in reclameblaadjes. Dat doet nog altijd veel plezier”, vertelt Gunter.

Eind dit jaar wordt het atelier helemaal leeggemaakt. — © Joris Herregods

Samen met Abdel Elaabedy, een gepensioneerde medewerker die al van voor de overname 45 jaar geleden in dienst was, werkt hij de laatste stoelen af. “Een jaar geleden zijn we gestopt met de productie voor grote fabrieken, maar ik schat dat we toch nog zo’n tweehonderd stoelen in ons atelier hebben staan”, zegt Gunter.

Alles mag weg

Daarom organiseert de familie Schoolmeesters tijdens het weekend van 14, 15 en 16 oktober nog een stockverkoop van stoelen in het atelier in de Kadodderstraat 37. Ook particulieren zijn welkom, telkens van 11 tot 16u. Het laatste weekend van oktober wordt ander materiaal verkocht en vervolgens in november en december nog karren, elektra, inboedel en huisraad.

Eind dit jaar valt definitief het doek. Dat viel Gunter Schoolmeesters aanvankelijk zwaar. “Ondertussen ben ik er al een klein beetje over, maar het naderende einde heeft me wel pijn gedaan. Het bezorgde me ook slapeloze nachten. Het is tenslotte een levenswerk waar ik erg intens mee bezig was.”